Wat mij fascineert in zwerfstenen is hun veelvormigheid. Bij elke steen zit er wel een verhaal achter. En soms kun je een steen 'lezen' alsof het een boek is.
- In de eerste plaats is er het verhaal van hun
onstaan. Veel stenen hebben een
onvoorstelbare ouderdom, meestal gerekend in miljoenen jaren. De oudste
bekende gesteenten op aarde worden geschat op 3,8 miljard (3800
miljoen)
jaar. De oudste gesteenten in Scandinavië - precambrische schisten en
gneisgesteenten
in Finland - zijn gedateerd op om en nabij 3 miljard jaar. Zulke
tijdsdimensies
geven je een heel andere kijk op allerlei menselijke drukdoenerij.
Stenen
hebben zelden haast.
- Dat wil niet zeggen dat geologie maar een saaie
bezigheid is. In tegendeel.
Bij veel gesteentevormende processen zijn ontzagwekkende krachten in
het
spel. Dat is aan sommige stenen nog te zien. Bij vulkaanuitbarstingen
bijvoorbeeld
worden uitvloeiingsgesteenten gevormd, zoals ignimbrieten en
agglomeraatlava's.
Die kun je ook als zwerfsteen vinden. En als je zo'n steen met een loep
bekijkt zie je nog de sporen van het vulkaangeweld: slierten van eens
gesmolten
steen en lava, scherven en brokjes puin, gebarsten of gedeeltelijk
opgeloste
kristallen. Zulke sporen, hoe klein ook, brengen je een gevoel van
respect
bij voor de natuurkrachten die hier aan het werk geweest zijn.
- Bij zwerfstenen komt er nog een extra tijdsdimensie
bij, nl. hun reis
vanuit ergens in Scandinavië naar ons land gedurende de voorlaatste
IJstijd
(het Saalien) zo'n 200.000 jaar geleden. Als het gaat om gidsgesteenten
- uit een bekend herkomstgebied - wordt het bijna een compleet
reisverhaal.
Een vertrekstation, een vervoermiddel, een aankomstperron. Maar
helemaal
precies zullen we het waarschijnlijk nooit weten. Daarvoor ontbreken
teveel
details, over de exacte route, de reisduur en de vertragingen onderweg.
- Zwerfkeien die op akkers gevonden worden hebben
gewoonlijk een sterk verweerde,
grauwe buitenkant. Maar sla je er een stukje af, dan word je vaak
verrast!
Prachtige kleurencombinaties, scherpe kristalvlakjes, insluitsels,
vergroeiingen,
microscopisch fijn getekende grondmassa's, individuele kristalvormen
etc.
Je hebt wel een goede loep (vergroting 10 x) nodig om dit allemaal te
zien.
Of beter nog een stereomicroscoop, die maakt de verrassing nog wat
groter. Stenen
die uit verse keileem komen of uit grindputten zien er aan de
buitenkant
meestal nog fris uit. Die hebben kennelijk minder bloot gestaan aan
verwering.
- Een verweerde buitenkant heeft zijn eigen betekenis.
Elke zwerfsteen is
een product van erosie. Die verwering draagt bij aan het karakter en de
herkenbaarheid van de steen. Soms herken je een bepaald soort putjes,
uitgesleten
ovaalvormige ringen of vrij geërodeerde kristalvormen. Ook erosie is
een
verhaal. Je kunt stenen vinden, bedekt met krassen, met één of meerdere
vlak
geschuurde kanten of zelfs helemaal bolrond geslepen. Dat zijn
aanwijzingen
dat deze stenen de werking van het landijs hebben ondergaan.
- Zwerfstenen komen tevoorschijn op allerlei
natuurlijke vindplaatsen. Op
akkers, aan het strand, bij wegaanleg, in bouwputten etc. Mineralen- en
fossielenzoekers zijn meestal aangewezen op - buitenlandse -
steengroeven.
Die groeven vind ik meestal nogal deprimerende, ontsierende plekken in
het landschap. Dat geldt helaas ook voor verschillende zandgroeven waar
zwerfstenen gevonden worden, o.a. in de oostelijke grensstreek. Zelf
geef
ik de voorkeur aan het vrije veld, langs de Hondsrug in Drenthe.
- Zwerfkeien bieden eigenlijk alles wat een
stenenzoeker zich maar kan wensen.
Je kunt stenen vinden die als zwerfsteen of gidsgesteente interessant
zijn,
maar ook stenen met mooie mineralen of fossielen, stenen met
gletsjerkrassen,
windkanters, stenen met golfribbels, stenen met fossiele levenssporen.
En nog veel meer.
