Het derde
interval - Waterput
Philosophy / Bed + Dream : Midnight = Narcissus
Stadsmarkering S10 staat ogenschijnlijk los van de andere negen Groningse stadsmarkeringen, niet verbonden aan een van de letters in de naam CRUONINGA. Het kunstwerk staat ook niet aan de rand van de stad, maar pal in het centrum, aan de voet van de Martinitoren (het Martinikerkhof). Maar juist op die centrale plek heeft het een belangrijke, verbindende betekenis. De markering is ontworpen door de Franse cultuurfilosoof en Paul Virilio.
Walburgkerk
Dit
tiende teken heeft de vorm van een uit natuursteen opgetrokken bak met
negen hoekpunten. Van bovenaf gezien is het een onregelmatige veelhoek.
Een gestileerde variant van de figuur die ontstaat als je op de kaart
van Groningen de locaties van de negen stadsmarkeringen met elkaar
verbindt. De hoekpunten van het kunstwerk wijzen in de richting
van de andere markeringen.
In de zijvlakken zijn de letters van de naam
CRUONINGA uitgefreesd. De
bovenzijde is dichtgemaakt met een stalen
plaat. In het midden daarvan zit een ronde uitsparing. Rondom zijn in
het staal (Franse) woorden gegraveerd. Langs de markering is in de
grond een stalen strip aangebracht. Aan één zijde buigt de strip zich
om het kunstwerk. De andere kant eindigt in een pijl die naar het
Zuiden wijst.
Volgens Virilio’s omschrijving (zie verder) moet dit de mythologische
aardas, de axis-mundi verbeelden. De
markering stelt een put voor. En niet zomaar een put. Op het
Martinikerkhof (genoemd naar Sint Martinus) stond tot
1627 een middeleeuwse kerkburcht, de Sint
Walburgkerk.
Gebouwd in opdracht van bisschop Burchard, die van 1100 tot 1112
bisschop van Utrecht en ook landheer van Groningen was. Virilio
plaatste zijn put op de plek waar zich ooit de echte waterput
van de Walburgkerk bevond. Een duidelijke verwijzing naar de
geschiedenis van de stad. (In een voetnoot noemt Virilio Sint Martinus
de schutspatroon van de putten…)
Narcissus
Als begeleidend aspect kreeg Virilio alleen de discipline filosofie en de formule Bed + Dream / Midgnight = Narcissus toegewezen. Geen andere elementen. Narcissus is een bekende figuur uit de Griekse mythologie. Een jager en een bijzonder knappe verschijning volgens alle mensen die hem zagen. Narcissus was zo ingenomen met zichzelf dat hij iedereen die verliefd op hem raakte afwees. Ook de liefde van de nimf Echo beantwoordde hij niet. Daarvoor werd hij gestraft door de godheid Nemesis. Die zorgde ervoor dat Narcissus verliefd werd op zijn eigen spiegelbeeld. Toen Narcissus besefte dat hij zich niet van dit beeld kon losmaken maar er evenmin mee kon leven, werd hij wanhopig. Hij kwijnde weg en verloor zijn levenskracht.
Paul Virilio
De opvattingen van Paul Virilio (geb. 1932) zijn geworteld in zijn jeugd. De Duitse aanval op zijn woonplaats Nantes tijdens de Blitzkrieg maakte diepe indruk op hem. De begrippen oorlog en snelheid komen in zijn werk vaak terug. Zelf zegt hij daarover dat de oorlog zijn ‘universiteit’ was. Zijn latere loopbaan begon Virilio als kunstenaar, gespecialiseerd in gebrandschilderd glas. Hij werkte met Henri Matisse in verschillende Parijse kerken. Aan de Sorbonne volgde hij colleges fenomenologie bij de filosoof Merleau-Ponty. En hij raakte geïnteresseerd in de Gestaltpsychologie. In 1958 deed Virilio fenomenologisch onderzoek naar de oorlogsarchitectuur, de bunkers van de Atlantik Wall (Bunker archeology, 1975). In 1963 begon hij een samenwerking met de architect Claude Parent en richtte met hem de groep Architecture Principe op (1963).
Dromologie
Het centrale thema in Virilio’s gedachtegoed is dat de onze samenleving wordt beheerst door oorlog. En dat een militair-industrieel of zelfs militair-wetenschappelijk complex een cruciale invloed heeft op de stedelijke ontwikkeling, de cultuur en vooral ook op de moderne informatie- en communicatietechnologie. Dat thema heeft Virilio uitgewerkt in een aantal bijzondere, soms moeilijk te doorgronden concepten. Bijvoorbeeld: chronopolitiek; de logistiek van de perceptie; polaire inertie; teletopologie; het integrale accident (rampen of catastrofes); endocolonisatie; dromologie (de logica van de snelheid. Heeft niets te maken met dromen, maar is afgeleid van het Griekse ‘dromos’= race, renbaan). En dan is er ook nog het ‘derde interval’, waaraan de markering zijn naam ontleent.
![]() |
![]() |
Derde interval
In het boek Stadsmarkering geeft Virilio een toelichting van 11 pagina’s onder deze titel. Waarschijnlijk is het een voorstudie voor het later verschenen artikel Le troisieme intervalle: une transition critique (1995). Virilio’s stelling is ongeveer deze: de huidige telecommunicatie, gebaseerd op de snelheid van het licht, verandert op fundamentele wijze ons begrip van ruimte en tijd. Met ingrijpende gevolgen voor de mens en zijn omgeving. Van Virilio’s uitleg word je echter niet veel wijzer. Hij hanteert een taal waar de argeloze lezer geen touw aan kan vastknopen, doorspekt met allerlei cryptische termen en formuleringen. Onbegrijpelijk taalgebruik is iets waar veel Franse postmoderne filosofen van worden beticht.
Kritiek
Maar er is meer. Een aantal van deze postmodernen hebben het verwijt gekregen dat zij misbruik maken van begrippen uit de natuurwetenschappen, met name de kwantummechanica. In de zogenaamde Sokal-affaire kwam ook Paul Virilio onder vuur te liggen. Volgens Alan Sokal en zijn compaan Jean Bricmont slaat Virilio met zijn verwijzingen naar ruimte- tijd- en lichtintervallen (derde interval = licht) de plank mis. Daaruit blijkt namelijk dat hij Einsteins speciale relativiteitstheorie níet begrijpt. Dat mag voer voor wetenschappers zijn, voor een leek is die discussie niet of nauwelijks te volgen.
Poëtisch putdeksel
Gelukkig leverde Virilio naast zijn derde interval artikel nog een andere tekst aan. Daarin beschrijft hij in korte dichterlijke regels wat zijn bedoeling was met zijn put. Verschillende woorden uit die (Franse) tekst zijn in het stalen putdeksel van de markering gegraveerd. Hieronder een gedeelte uit de Nederlandse vertaling:
PRINCIPE
Geopend als het objectief
van een camera:
EEN WATERPUT
een verticale as
uitgegraven in de grond
In het centrum van de stad:
HET MIDDELPUNT VAN DE AARDBOL
de axis-mundi
Als nulpunt in de ruimte en de tijd
is de put:
EEN POOL VAN INERTIE
het middelpunt van de diepten der tijden
slechts begrensd door nog te schrijven geschiedenis
Gewend naar de hemel
GEEFT DE TIJD ZICH BLOOT
en welt naar de oppervlakte
Gewend naar de aarde
LEGT DE TIJD ZIJN WIL OP
en hult zich in duisternis
Misschien kan het inderdaad bestaan, in de alledaagse werkelijkheid. Een put als nulpunt. Een plek van reflectie, voor de toevallige voorbijganger. Veel woorden zijn daar niet voor nodig. (Ook al vinden sommige voorbijgangers het nodig om hun eigen narcistische tags hier achter te laten).
Meer over Paul Virilio
John Armitage: Beyond Postmodernism? Paul Virilio’s Hypermodern Cultural Theory. 2000
John Armitage: In de steden voorbij de stad; een interview met Paul Virilio. SKOR 2009
The European Graduate School: biografie van Paul Virilio
The European Graduate School: artikelen door Paul Virilio
Sdrjan Smajic: The Ectasy of Speed. 2001
Paul Virilio, interview with Caroline
Dumoucel, Vice Magazine, vol. 17, 9
Kritische artikelen
Alan Sokal. What the Social Text affair does and does not prove. 1998. Critical Quarterly, 40, no. 2.
Alan Sokal en Jean Bricmont: introductie bij Fashionable Nonsense: Postmodern Intellectuals’ Abuse of Science (UK editie onder de titel: Intellectual Impostures) 1998
Jean Bricmont: Postmodernism and its problems with science. 2002
Marcel Hulspas. ‘Ik vond het heel moeilijk om onbegrijpelijk te schrijven’:een interview met Alan Sokal en Jean Bricmont. Skepsis 1998
Sjoerd de Jong. Met bommen en damespistool de domheid te lijf. NRC-Handelsblad, 8 jan. 1999 (archief NRCBoeken)
![]() |
|
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
|
![]() |
|
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
|














